jun 122013
 

Rond 2000 gingen heel wat internetbedrijven kopje onder omdat zij de hooggespannen verwachtingen niet waar konden maken. Gaat dit ook gelden voor online afstandsonderwijs, omdat het één cruciale functie niet kan vervullen?

Continue reading »

mei 102012
 

Omdat professionals niet alleen meer via cursussen en opleidingen willen bijblijven op het vakgebied, zullen onderwijsinstellingen -die een spilfunctie willen vervullen op het gebied van een leven lang leren- een ander business model moeten ontwikkelen. Vandaag heb ik tijdens een congres van de European Association for Distance Learning (EADL) contouren geschetst van een business model dat wij bij de Open Universiteit in het kader van OpenU aan het ontwikkelen zijn.

Continue reading »

mei 262011
 

Vandaag mag ik tijdens het EADL-congres in Wenen een presentatie verzorgen over de invloed van nieuwe technologie op leren. In deze presentatie stel ik o.a. dat nieuwe technologieën al volop in het dagelijks leven worden gebruikt, maar nog weinig binnen het onderwijs.

Ik laat voorbeelden zien, en eindig met uitdagingen voor instellingen voor afstandsleren. Hieronder vind je de presentatie.

mei 262011
 

Vandaag mag ik tijdens het EADL-congres in Wenen een presentatie verzorgen over online coaching. In deze presentatie schets ik achtergronden, laat ik voorbeelden zien, en vertel ik over ervaringen. Hieronder vind je de presentatie.

Een groot aantal bronnen, die ik hierbij heb gebruikt, vind je op mijn Diigo-pagina over coaching. Verder is Twitter weer erg behulpzaam geweest (zie de laatste dia).

jan 212011
 

Toen ICT in het (hoger) onderwijs werd ingezet, ging men er van uit dat leren vooral in een lokaal plaats vond, en dat onderwijs via boeken en toespraken verzorgd werd. Deze handelingen konden nu via ICT op afstand plaatsvinden.

Een misverstand, vindt Trent Batson:

But, in reality, learning is not that simple; our rhetoric about teaching and learning had just made it seem so. Learning is not content, we now know, and learning is not delivery of content.

Een universiteit biedt volgens de auteur immers veel meer zoals sport, cultuur, vrijwilligerswerk en een echt sociaal leven.

Batson gelooft daarom niet dat e-learning traditioneel leren kan vervangen. We zouden volgens hem wel moeten kijken naar hoe je ICT kunt gebruiken om leren op een campus te versterken, bijvoorbeeld door serendipitous learning spaces te creëren of door interactiemogelijkheden tijdens bijeenkomsten te ondersteunen. Volgens hem kan een klas prima worden gebruikt om leeractiviteiten te coördineren. Bijvoorbeeld:

Students create a portfolio of all the learning they experience on campus and are then assessed and evaluated on the evidence they present of their learning.

Batson is een voorstander van sociaal en experimenteel leren. Dat is mooi. Hij miskent m.i. echter dat technologie en e-learning ook veel 'socialer' zijn geworden. Dankzij nieuwe technologie kun je ook 'echte' sociale contacten onderhouden, zonder mensen persoonlijk te ontmoeten. Het gaat er helemaal niet om, zoals Batson schrijft, om mensen te vervangen. Technologie zou wat mij betreft juist gebruikt moeten worden om mensen in staat te stellen te interacteren, te creëren (alleen en samen) en te netwerken. Trent Batson vertegenwoordigt wat mij betreft 'oud denken' over technologie, terwijl hij volgens mij moderne opvattingen heeft over didactiek. Jammer.

Tony Bates noemt hem "campus-focused ", en verwijt Batson -m.i. terecht- dat hij kwalitatief goed afstandsonderwijs tekort doet. Bovendien moet Batson volgens hem niet doen alsof al het traditioneel hoger onderwijs op dit moment interactief en experimenteel is. En degenen die leren en werken willen combineren, zijn vaak niet eens bereid om naar de campus te komen om te leren, schrijft Bates.

Ik geloof dan ook dat volledig online leren in veel gevallen een volwaardig alternatief kan zijn voor 'gewoon' (hoger) onderwijs. Dan moeten we nieuwe technologie wel inzetten waarvoor ze bedoeld is (user-generated content, participatie en interactie). Deelname aan sport en cultuur kan dan op een andere manier worden bevorderd.

sep 172010
 

Terry Anderson heeft met een aantal collega's onderzoek gedaan naar de opvattingen over het gebruik van social software binnen leersituaties, van studenten die deelnemen aan afstandsleren. Wat zijn opvattingen, verwachtingen en ervaringen van studenten met deze applicaties, ook ten aanzien van het gebruik binnen leersituaties? Het resultaat is een zeer lezenswaardig artikel.

De auteurs verwachtten dat binnen self-paced afstandleren de voordelen van social media voor interactie tussen studenten onderling, en studenten en docenten het grootst zijn. Denk daarbij aan individuele begeleiding, samenwerkend leren en social presence (o.a. vertrouwen en een gevoel om erbij te horen).

Zij hebben gebruik gemaakt van een online vragenlijst onder meer dan 950 respondenten. De onderzoekers constateren dat studenten nogal verschillen wat betreft hun opvattingen en verwachtingen op dit terrein. De meesten staan op zich positief ten aanzien van het gebruik van deze applicaties voor leren. Zij concluderen onder meer:


the greater use and experience of learners, the more they expect and desire to have educational social software used in their formal education programming.

De auteurs gaan in een theoretisch kader uitgebreid in op begrippen als social presence, de perceptie van interactie, onderlinge samenwerking binnen onderwijsprogramma's waarbij studenten in eigen tempo leren en interactie bij afstandsleren. Deze elementen blijken, zo toont onderzoek aan, bevorderend te zijn voor de motivatie. Op basis hiervan baseren de onderzoekers hun hoge verwachtingen ten aanzien van de toegevoegde waarde van social software voor afstandsleren.

Vervolgens gaan Anderson cs in op de resultaten van de vragenlijsten. Opvallend is bijvoorbeeld dat de meeste respondenten zichzelf omschrijven als 'beginner' als het gaat om het gebruik van social software. De oververtegenwoordiging van vrouwen in dit onderzoek haalt de gemiddeldes overigens omlaag (hoewel de ervaring van mannen met social software ook niet overhoudt):


There were significant differences between the levels of expertise reported by the two genders with all the social software technologies except photo sharing and social networking. In all of the ratings of technologies self –rated experience and expertise that of males was higher than for females.

Als het gaat om de behoefte om social software voor afstandsleren in te zetten, valt op dat video delen (zoals Youtube) en web lectures redelijk hoog scoren, en Twitter bijvoorbeeld erg laag (p. 7). Als het gaat om de behoefte aan interactieve leeractiviteiten valt o.a. op:

Interestingly, the most popular type of social learning activity is the familiar discussion activity with other students. Surprisingly is the rather low interest in creating web pages or resources – the type of “user generated” content that is a defining feature of web 2.0 technologies. It is also interesting to note that the most common type of activity in online distance courses (threaded discussion with other
students) is the activity of most interest to these self-paced students.

De auteurs concluderen dat studenten met name die social software willen inzetten, die binnen formele leersituaties vooral worden ingezet voor instructies (die perceptie hebben studenten er in elk geval van). Met uitzondering van sociale netwerken is de belangstelling voor applicaties die gericht zijn op participatie en co-creatie redelijk gering. Verder valt op dat studenten die bekend zijn met bepaalde social software ook belangstelling hebben om met andere applicaties te gaan werken.

Zoals gezegd is er ook een relatie tussen ervaring met social media en de behoefte om deze in te zetten bij afstandsleren. De groep ervaren gebruikers bedraagt in dit onderzoek echter ongeveer 40%. Een mogelijke verklaring voor het feit dat de studenten niet overlopen van enthousiasme voor samenwerkend leren via social media, is dat zij bewust hebben gekozen voor afstandsleren in eigen tempo.

Wat mij betreft bevat het artikel van Terry Anderson en zijn collega's interessante, en genuanceerde inzichten. Zij bevelen aan het eind aan:

At least half of our sample are interested in working collaboratively in some way with other students-but another half are not. This implies that developers of distance education and especially those working with self-paced models should not mandate social interaction, but rather create compelling but not compulsory activities, so that both social and independent learners can be accommodated. Of
the diverse types of social networking tools investigated in this study the most familiar ones are the ones that students are most interested in using in their distance education courses.

This study is a single snap shoot in a time of rapid change and evolution of social networking tools. It shows that there is interest, but it is not universal, for use of these tools in formal distance education programming. Social software offers the capacity to support cooperative learning while retaining the important freedoms associated with self-paced study. It also exposes students to lifelong learning
skills and networks that are the basis for connectivist learning pedagogies. Thus, we remain optimistic, but better informed by this study, as to the challenges and supported needed to integrate these tools in distance education programming.

jan 202010
 

Steve Wheeler is bezig met een serie blog posts over de geschiedenis en impact van afstandsleren. In deel zes gaat hij in op invloed van de computer, die zich in dertig jaar heeft ontwikkeld tot een revolutionair medium voor afstandsleren. 

Volgens Wheeler heeft deze ontwikkeling ook nadelen. Het gebruik van ICT kan -zo illustreert hij- behoorlijk voorschrijvend werken. Vooral als het gebruik van technologie niet gepaard gaat met nieuwe manieren van leren, waarbij de lerende meer controle heeft over het eigen leren. Daar is de laatste jaren steeds meer aandacht voor. Echter: niet elke docent staat daar op te wachten.

Steve Wheeler merkt ook scherp op:


Computers brought the world to the classroom. Now smart mobile versions are taking the classroom out into the world.

Mobiele technologie heeft die potentie inderdaad. Wat je echter vandaag de dag ook ziet, is dat er technologie gebruikt wordt en in opkomst is, die leren met behulp van ICT weer meer aan het klaslokaal bindt. Ik denk daarbij aan interactieve whiteboards en de in opkomst zijnde 3-D-projectoren.

dec 272009
 

Om met succes online te leren, zul je als student veel actiever moeten zijn dan bij face-to-face leren. Cindy Wolfe van de University of Phoenix heeft daarom tien tips voor studenten geformuleerd. Rode draad hierbij is: pak het gestructureerd aan, en heb zelfdiscipline.

Wolfe vertaalt dit echter in maatregelen die wel heel veel voorschriften en plichten inhouden. Er is weinig ruimte voor autonomie, voor eigen keuzes. De verantwoordelijkheid voor het succes ligt mij de individuele lerende. Haar suggesties passen goed bij sterk docentgecentreerde -formele- vormen van e-learning. Maar ik kan me niet voorstellen dat deze manier van werken bevorderlijk is voor de intrinsieke motivatie. 

Not my cup of tea, zullen we maar zeggen.