Dankzij sensortechnologie slaan we een nieuw pad in op het gebied van human computer interaction en wellicht ook e-learning. Wat staat ons te wachten?
Technologie is niet van invloed op ons brein, maar beïnvloedt wel onze leerstrategieën. Dat concludeer ik op basis van het betoog Is technology changing how students learn? van cognitief psycholoog Daniel Willingham.
De laatste paar jaar wordt er veel aandacht besteed aan de werking van de hersenen, in relatie tot onderwijs en leren. Docenten zouden meer moeten weten over de werking van de hersenen, om daar didactisch op in te kunnen spelen. Cognitief psycholoog Daniel Willingham noemt dat je reinste tijdsverspilling.
Er wordt veel onderzoek gedaan naar ‘wat werkt’ op het gebied van het onderwijs. Maar we gaan ook vaak uit van aannames en valse theorieën. Eén van de wetenschappers die kritisch reflecteert op wat werkt en niet werkt op dit terrein, is hoogleraar Daniel Willingham. Willingham stelt onder meer dan mensen op verschillende manieren leren, maar dat leerstijlen niet bestaan.
Moeten kinderen hun hersenen leren kennen?
Kinderen zouden al op jongere leeftijd moeten leren hoe hun hersenen werken. Daardoor leren zij beter hoe zij leren. Is kennis van de werking van hersenen dan voorwaardelijk voor het ontwikkelen van metacognitieve vaardigheden?
De laatste sessie, die ik van de Online Educa Berlin heb bezocht, ging over 'het brein'. Neurowetenschapper Hauke Heekeren van de Vrije Universiteit Berlijn vertelde op een hele heldere manier over technologieën die het mogelijk maken meer te weten te komen over de werking van het brein. Zo kunnen we bijvoorbeeld zien dat mensen met Asperger (deel uitmakend van het autistisch spectrum) een dikkere cortex hebben.
Je kunt echter niet stellen dat er zo iets bestaat als een 'leercentrum' in het brein. Er is eerder sprake van dynamische netwerken in de hersenen die relevant zijn voor leren. Volgens Heekeren moeten we uitspraken over leren, gebaseerd op neurowetenschappen, met scepsis benaderen.
Neuroscience gives no prescriptions for instructional design, only descriptions.
Neurowetenschappen vertellen je niet hoe je je onderwijs moet inrichten, daar heb je leerpsychologen en onderwijskundigen voor. Heekeren leverde ook kritiek op mensen die beweren dat je jongeren op school niet moet leren te plannen, omdat hun hersenen nog niet zijn uitontwikkeld. Daar gaan neurowetenschappers niet over. De integratie van neurowetenschappelijke data in gedragswetenschappen is veel lastiger dan je zou denken.
Heekeren kreeg via Skype bijval van Daniel Willingham. Willingham is auteur van het boek Why Don't Students Like School? en het paper How educational theories can use neuroscientific data. Mind, Brain, and Education (2007). Willingham stelde:
What is the value added of neuroscience for teaching practice? That is snake oil
Ik moet eerlijk bekennen dat ik dit geluid een verademing vind ten opzichte van de hype die momenteel in Nederland heerst om meer aandacht te besteden aan de werking van de hersenen, om van daaruit conclusies te trekken voor didactiek.
Met dank aan Jeroen Bottema, die ook flink heeft getwittert over deze sessie.