Keynote Hans Aarsman (#in)

 Onderwijsdagen  Reageren uitgeschakeld
nov 092011
 

Dit bericht is oorspronkelijk gepost op de weblog van Dé Onderwijsdagen 2011. Gelieve ook daar te reageren.

Hans Aarsman keynote Een keynote live verslaan, maar om 14 uur aansluitend zelf een presentatie op de zevende verdieping moeten verzorgen. We gaan een poging wagen…

Hans Aarsman is fotojournalist en columnist. En zelf 24/7 connected. Zijn lijfspreuk: er is niets zo onnatuurlijks als een cliché. Als je echt iets veranderen wilt, is het vaak goed om naar een andere discipline te kijken. Hij heeft zich laten inspireren door Nederlandse Nobelprijswinnaars om lelijke foto's als mooi te laten zijn.

Aan de hand van diverse foto's liet hij verschillende voorbeelden van zien van wat je er in kunt zien, en hoe belangrijk perspectief is. Gewone foto's blijken bijzondere elementen te bevatten, waardoor je bijvoorbeeld gebruiken en sociale verschillen kunt analyseren. Hij relateerde zelfs de theorie van Norbert Elias over beschaving hieraan.

Helaas moest ik toen naar mijn zaal gaan.

Aarsman had een leuke presentatiestijl. Gebruikte veel humor. Je moet de keynote echt zelf terugkijken.

nov 082011
 

Dit bericht is oorspronkelijk gepost op de weblog van Dé Onderwijsdagen 2011. . Gelieve ook daar te reageren.

Bas Haring keynote Dé Onderwijsdagen 2011

Bas Haring, volksfilosoof, mocht de eerste dag van Dé Onderwijsdagen met een humorvolle keynote afsluiten. Hij beloofde al ballonnetjes loslatend te reflecteren op onderwijs en ICT.

Zijn keynote bestond vooral uit anekdotes. Leuk om bij te wonen, lastig om via een blog te verslaan….

In 1999 wilde Haring bijvoorbeeld zijn onderwijs op de kop te zetten door met webcams studenten thuis te bekijken tijdens het leren. Was geen succes. Hij merkt ook dat studenten informatie kunnen vinden, die hij normaliter via colleges deelt.

Hij heeft drie reflecties op onderwijs en ICT.

  1. Een positieve reflectie. Via losse fragmenten op internet kun je wel degelijk leren. Normaliter moet je door hele boeken heen worstelen tot je tot de essentie van het boek komt. Fragmentarisch, grillig, leren heeft de toekomst en zal gefaciliteerd worden door ICT. Fragmenten worden samengesteld tot treintjes van informatie die wij met taal delen. Wij hoeven geen structuur aan brengen in de informatie. ICT zal die structuur aan gaan brengen in de brokjes informatie. Je hoeft bijvoorbeeld documenten op je computer te ordenen. Dat doet de computer voor je, mits je geen Windows computer gebruikt. Aldus Haring.
  2. Een negatief-kritische reflectie. Delen van informatie is feitelijk spieken. Bijzondere ideeëngeneratie, de rijkheid aan ideeën, zal daardoor verminderen. In de natuur verdwijnen specifieke soorten bijvoorbeeld doordat afgezonderde eilanden verdwijnen en er meer contact is tussen afzonderlijke gebieden. Bijzondere ideeën ontstaan volgens Haring juist vaak in eenzaamheid.
  3. Een hoopvolle reflectie. Jonge mensen kunnen binnen het onderwijs steeds beter onderzoek uitvoeren, dankzij ICT. Als voorbeeld noemt hij het profielwerkstuk. Experimenten op middelbare scholen zijn vaak moeilijk te organiseren. Computers zijn volledig beheersbare omgevingen, waarin prima kunt experimenteren. Bijvoorbeeld door te programmeren. Die programma’s zijn dan van jou. Helaas worden computers vaak zo niet gezien. Van programmeren kun je echter veel leren. Bijvoorbeeld in combinatie met 3D printers. Je kunt dankzij internet ook over veel data beschikken die je binnen het onderwijs voor onderzoeksdoeleinden gebruiken. Bijvoorbeeld: foto’s van kinderen en de kerstman zoeken om te analyseren of kinderen wel van de kerstman houden.

Haring eindigde met een column, die hij ooit heeft geschreven. De boodschap van die column: moet je eens kijken wat je uit mensen kunt halen met behulp van onderwijs.

Met name met het tweede punt ben ik het volstrekt niet eens. Creatieve ideeën ontstaan wat mij betreft door informatie dankzij ICT met elkaar te verbinden.

nov 082011
 

Vandaag en morgen ben ik bij Dé Onderwijsdagen in Utrecht. Morgen verzorg ik een presentatie over een leven lang leren met OpenU (om 14 uur in zaal 717). Maar verder ben ik ook actief als gastblogger op de conferentieblog. Samen met andere gastbloggers. Ik wil de verschillende bijdragen hier echter ook posten. Gelieve echter te reageren op de conferentieblog.

Erik Duval keynote Dé Onderwijsdagen 2011Ik had een tijd geleden het genoegen gehad om prof. dr. Erik Duval te mogen interviewen over het thema waaraan zijn keynote van de eerste dag van Dé Onderwijsdagen 2011 gewijd was: learning analytics. Hoe kun je digitale sporen gebruiken om leren te verbeteren? Over learning with open eyes. 

Erik Duval hield en houdt zich bezig met open standaarden, open content, open leren en learning analytics. Open standaarden zijn volgens hem niet meer spannend, gelukkig. Via Ariadne houdt hij zich bezig met open content.

Studenten laten bloggen
Terwijl open leren volgens hem gericht moet zijn om binnen- en buitenschools leren met elkaar te verbinden. Dat doet hij o.a. door studenten te laten bloggen. Bijvoorbeeld over de evaluatie van een ICT-product. De CEO van de producent heeft vervolgens commentaar geleverd op de evaluaties. Feedback van de echte wereld geeft een andere dynamiek, dan feedback van docenten. Leren wordt daardoor authentieker.

Vinger aan de pols houden
Duval gebruikt ook een hashtag voor zijn cursussen. Daarmee kan hij de vinger aan de pols van zijn cursus houden. Ook genereert het publiciteit. Verder organiseert Duval een Mooc, een grootschalige vrij toegankelijke cursus waar 2500 studenten aan deelnemen. Hij gaat bijvoorbeeld een Mooc over learning analytics starten. Het wordt daarbij wel heel complex om alle bijdragen en conversaties via de diverse sociale media te volgen. Hoe kun je dat hanteerbaar maken? Daar spelen volgens hem learning analytics een belangrijke rol; het vierde thema waarmee hij zich bezig houdt.

Programma voor hardlopen
Duval trekt daarbij een parallel met programma’s die je ook bij hardlopen ondersteunen om je prestaties verbeteren. Je kunt er bijvoorbeeld ook trainingprogramma’s mee ontwikkelen, gebaseerd op jouw hardloophistorie. Of die jou koppelen aan andere hardlopers in jouw buurt.

Duval en zijn team vroegen zich vervolgens af of je dergelijke programma’s ook voor leren kunt in zetten. Er zijn bijvoorbeeld ook programma’s die je ICT-gedrag tracken en die jou een spiegel bieden van jouw ICT-gedrag. Op basis van dat gedrag kun je ook doelen stellen (minder mailen), en herinneringen/ waarschuwingen krijgen.

Deze ontwikkeling maakt deel uit van een bredere ontwikkeling die Quantified Self heeft: je hele leven tracken (bijvoorbeeld je eetgedrag), zodat je op basis daarvan plannen voor verbetering kunt maken.

Studenten ontwikkelen tools
Learning analytics-initiatieven bieden bijvoorbeeld dashboards die jou in één oogopslag laten zien hoe je er voor staat. Een voorbeeld is Streamy dat studenten van Duval hebben ontwikkeld. Zij maken daarbij ook gebruik van widget-technologie. De gebruikte tools worden door de vakgroep van Duval ook geëvalueerd. En tot dusver blijkt dat docenten en studenten meer grip krijgen op het leerproces, doordat je er veel meer zicht op hebt (de open ogen). Een ander initiatief is het gebruik van recommendersystemen waarbij het oordeel van een bepaalde groep zwaarder weegt dan het oordeel van de andere groep.

Net als in het interview met mij, benadrukte Erik Duval ook nu het belang van het learning analytics voor het onderbouwen van didactische aanpakken. Er zijn ook wetenschappelijke initiatieven die onderzoek op dit gebied valoriseren.

Enkele waarschuwingen
Tenslotte ventileerde de eerste keynote spreker ook enkele waarschuwingen. Zoals de filter bubble, of de vraag wat je eigenlijk gaat meten. Tools als Runkeeper kunnen bijvoorbeeld ook wat dwangmatigs hebben. Voor leren geldt: wat zijn zinvolle metrieken voor betere aanpakken van leren? Uiteraard (?) is er angst voor Big Brother fenomenen. Maar heb je wel recht op 100% privacy, vraagt Duval zich af. Je moet in elk geval open zijn in wat je doet. Ook daar kan technologie bij helpen. Zijn conclusie: heb niet te veel schrik om met learning analytics te experimenteren. We kunnen best risico nemen om het onderwijs proberen te bereiken. Want het onderwijs is helemaal niet zo effectief.

Helaas was er geen ruimte voor vragen. Ik ben bijvoorbeeld benieuwd of Kafka’ proces geen groter angstbeeld is voor learning analytics dan Orwell’s grote broer. Daar is in de keynote geen aandacht aan besteed.

nov 022011
 

In de aanloop naar Dé Onderwijsdagen 2011 publiceert de organisatie een aantal gastblogs van Edubloggers. Ik heb ter voorbereiding op dit congres een bespiegeling geschreven over deelname van 'gewone' docenten en managers aan Dé Onderwijsdagen.  De originele post is op de blog van de Onderwijsdagen te vinden. Gelieve ook daar te reageren.

Eén van de vragen, die tijdens Dé Onderwijsdagen met regelmaat wordt gesteld, is: hoe kunnen we er voor zorgen dat meer ‘gewone’ docenten en managers deelnemen aan Dé Onderwijsdagen? Want over het algemeen wordt deze conferentie met name bezocht door beleidmedewerkers, informatiemanagers, adviseurs en ICT en Onderwijs-coördinatoren.

Mijn reactie: je moet wellicht niet eens willen dat ‘gewone’ docenten en managers deelnemen aan Dé Onderwijsdagen. De inhoud ervan sluit namelijk onvoldoende aan op hun ‘zone van naaste ontwikkeling‘ en belevingswereld. Natuurlijk zijn er docenten bij wie de inhoud van Dé Onderwijsdagen wel aansluit bij hun belevingswereld. Maar dat zijn uitzonderingen. En dat geldt ook voor sommige managers.
Wil je er wel voor zorgen dat de inhoud van dit congres meer betekenisvol wordt voor deze doelgroepen, dan zijn het waarschijnlijk Dé Onderwijsdagen niet meer.

Publiek tijdens Dé Onderwijsdagen 2009

Concrete voorbeelden voor docenten
Docenten hebben volgens mij vooral behoefte aan concrete voorbeelden van ICT-toepassingen in het onderwijs. Professionalisering werkt bij hen waarschijnlijk het beste als zij op een didactisch goede manier leren gebruik te maken van ICT die verweven wordt met onderwijsontwikkeling . Bijvoorbeeld via TPACK-sessies. Keynotes op het gebied van learning analytics of disruptive innovation vallen bij docenten als zaad op de rotsen. Zonde van tijd, energie en geld.

Verspillen
En we verspillen deze ‘resources’ al zo gemakkelijk. Denk bijvoorbeeld eens aan al die docenten die in groten getale de Nederlandse Onderwijs Tentoonstelling bezoeken, zonder concreet doel voor ogen. Of denk aan het docententeam van een grote scholengemeenschap uit het midden van het land dat twee jaar geleden met z’n vijfentwintigen drie dagen lang de internationale beurs voor leertechnologieproducten BETT (en uiteraard ook London zelf) bezocht en thuis kwam met de conclusie: dat SharePoint van Microsoft, daar willen we wel eens wat meer van weten.

Doorsnee manager
Dan de doorsnee manager. Als je een manager met weinig affiniteit met ICT in het onderwijs (ze bestaan nog steeds) bijvoorbeeld meeneemt naar een conferentie zoals Dé Onderwijsdagen, dan loop je het risico dat je binnen drie maanden bezig bent een technologie te implementeren waarvan onduidelijk is welk probleem deze tool eigenlijk moet oplossen. En hoe kom je er dan ooit nog van af? Voorbeelden zijn niet nodig, lijkt me. Dergelijke managers gaan overigens het liefst naar congressen in het buitenland.

Bezoekers sessie Dé Onderwijsdagen 2010

Bezoekers sessie Dé Onderwijsdagen 2010

Nee. Gewone managers moeten vooral door ons (beleidmedewerkers, informatiemanagers, adviseurs, en ICT en Onderwijs-coördinatoren) geïnspireerd en geadviseerd worden. Zij moeten open staan voor nieuwe ontwikkelingen, goed luisteren, ontwikkelingen koppelen aan een visie op leren, afwegingen maken en besluiten nemen. Dat betekent ook dat bezoekers van Dé Onderwijsdagen organiseren dat datgene wat geleerd is, ook intern gedeeld wordt (en niet alleen door een link naar Slideshare te delen). Maar dat doen wij uiteraard altijd. Toch?

Netwerken en inspiratie
Dé Onderwijsdagen, en ook andere conferenties, zijn prima gelegenheden om te netwerken, inspiratie op te doen (bijvoorbeeld voor nieuwe projecten), anderen te informeren over relevante initiatieven (komt allen naar mijn sessie op woensdagmiddag) en uiteraard te leren (ook buiten sessies om). Maar niet voor de doorsnee docent en manager die eenmalig naar zo’n conferentie gaat, en er vervolgens onvoldoende mee kan. Leren is immers een proces, waar een gebeurtenis als Dé Onderwijsdagen deel van uit zou moeten maken.