E-learning: niet voor een dubbeltje op de eerste rang #elearnmooc

“Lagere prestaties in online onderwijs”. Aldus de kop van een artikel in het NRC Handelsblad van de afgelopen week. Kunnen we dus maar beter weer volledig face-to-face onderwijs verzorgen?

Via twitter (@JocelynMary) werd ik deze week geattendeerd op deze bijdrage. Helaas is het artikel niet online te vinden. Via een collega ontving ik vandaag een papieren kopie.

Hoorcollege

Foto: uniinnsbruck

De bijdrage gaat over de opmars van online leren in het hoger onderwijs, en een onderzoek van de Columbia University waaruit blijkt dat studenten die online leerden slechtere prestaties leverden dan studenten die dezelfde vakken face-to-face volgden. Saillante details uit dit onderzoek:

  • Studenten die kozen voor de online variant waren gemiddeld beter voorbereid en beter gemotiveerd, maar stopten desondanks vaker met de vakken. Studenten die online leerden hielden het in 88% van de gevallen tot het einde vol, de ‘face-to-face’-studenten in 95% van de gevallen.
  • De online studenten, die het volhielden, haalden een gemiddeld lager eindcijfer dan de ‘face-to-face’-studenten (2,52 vs 2,85 op een vierpuntsschaal).
  • Zogenaamde ‘kwetsbare’ groepen studenten presteerden relatief slechter bij online leren.

Ik heb gezocht naar het onderzoek, maar kan dit nog niet vinden (het wordt binnenkort gepubliceerd in het tijdschrift Economics of Education Review). Uit het NRC-artikel maak ik op dat het een grootschalig onderzoek is, uitgevoerd in de periode 2004-2009 onder eerstejaars studenten aan 34 community colleges (HBO-achtige scholen).

De NRC positioneert dit onderzoek tegen de opkomst van online leren, ook binnen het Nederlandse hoger onderwijs. Beleidmakers hopen via onder meer massive open online courses (MOOCs) goedkoper onderwijs aan te kunnen bieden. Overigens blijken veel Amerikaanse universiteiten MOOCs eerder als extra service dan als efficiencymaatregel te beschouwen, schrijft de NRC.

De NRC waarschuwt echter voor een gebrek aan kwaliteit, en voor hoge ontwikkelkosten voor MOOCs. Daarnaast kan volgens deze krant eenvormigheid ontstaan doordat enkele grote elite-universiteiten met kwalitatief mindere MOOCs kleine colleges gaan verdringen.

Dat zijn terechte kanttekeningen. Ik raak er bijvoorbeeld steeds meer van overtuigd dat MOOCs geen alternatief zijn voor reguliere cursussen, maar wel gebruikt kunnen worden door professionals om bij te blijven op hun vakgebied. Dat stelt andere eisen aan het didactisch concept, aan de begeleiding en aan de beoordeling.

De “lagere prestaties in online onderwijs” lijken volgens het onderzoek óók verklaard te worden door een veel gebrekkigere kwaliteit, in vergelijking met face-to-face onderwijs. De onderzoekers concluderen namelijk dat docenten op community colleges amper ondersteund worden in het ontwikkelen van online onderwijs. Daarnaast doet online leren een groter beroep op zelfdiscipline en zelfsturing. Wellicht -denk ik dan- dat vooral eerstejaars studenten deze vaardigheden voor een groot deel ontberen. Motivatie is dan onvoldoende om online leren vol te houden.

Je zou op basis hiervan ook kunnen concluderen dat de onderzoekers appels met peren hebben vergeleken: kwalitatief goed face-to-face onderwijs vs kwalitatief slecht online onderwijs. Bij een dergelijk vergelijkend onderzoek zijn immers veel variabelen in het spel!

Wat in elk geval duidelijk is, is dat instellingen voor hoger onderwijs niet voor een dubbeltje op de eerste rang moeten willen zitten, als het gaat om online leren. Je moet vooral andere goede redenen hebben om online te leren, dan kostenbesparingen. Dat zou toch inmiddels duidelijk moeten zijn, na jarenlange ervaring met e-learning.

Nota bene: ik ben groot voorstander van blended learning, behalve als er goede redenen zijn om volledig online te leren (doelgroepen wereldwijd bereiken, doelgroepen bereiken die niet naar jouw instelling toe kunnen komen, enzovoorts). Van Nederlandse studenten kun je best vragen om ook naar je campus te komen.

Bovendien wíl je sommige activiteiten uit je studentenleven niet eens online doen….

This content is published under the Attribution 3.0 Unported license.

Wilfred Rubens (1964) currently works as an independent consultant, project leader, blogger and teacher in the field of technology enhanced learning. He leads innovative projects, he provides advice, keynotes, presentations, workshops and classes about technology enhanced learning. Wilfred has been professionally involved in e-learning for more than 20 years. For more than 15 years he blogs about ICT and learning. He is (co-)author of a book about elearning trends and developments (in Dutch), and a book about social learning. Wilfred is also one of the editors of the Dutch portal e-learning.nl, member of the advisory board of the anual Dutch Next Learning conference and member of the advisory board of the ONLINE EDUCA BERLIN. wilfred@wilfredrubens.com http://www.wilfredrubens.com

Tags: , , , , ,
2 comments on “E-learning: niet voor een dubbeltje op de eerste rang #elearnmooc
  1. Bij ‘kwalitatief goed face-to-face onderwijs vs kwalitatief slecht online onderwijs’ moest ik denken aan http://theedublogger.com/2013/07/23/moocs-and-online-teaching/
    Dat geeft (denk ik) goed weer dat het een riscante zaak is als ‘appels met peren gaat vergelijken’. Mijn ervaringen zijn wat ‘digitaal leren’ betreft heel anders. Het is wel degelijk mogelijk kwalitatief hoogstaand onderwijs te verzorgen. In het hogeronderwijs zeker, maar ook in het VO…:-)

Top

%d bloggers liken dit: