De gemiste kans van het gebruik van leertechnologie

Volgens Emiliana Vegas kijken we niet voldoende naar de geleerde lessen van het gebruik van online leren op afstand tijdens de Coronacrisis.

Vegas stelt dat investeringen in leertechnologie vóór de Coronacrisis meestal waren gericht op de inzet van apparaten zoals laptops en tablets en op het verbeteren van connectiviteit. Er was echter weinig aandacht voor de wijze waarop leertechnologie door docenten en lerenden werd gebruikt. Daardoor hebben de evaluaties van het “one laptop per child”-initiatief ook geen effect op het leren aangetoond.

Zij stelt dat we ook zouden moeten kijken naar de vraag of en in welke mate leertechnologie tijdens de COVID-19-pandemie in staat is geweest om leerachterstanden -“learning losses” te beperken. Zij verwijst daarbij naar onderzoeken waaruit blijkt dat schoolsluitingen als gevolg van de Coronapandemie waarschijnlijk leiden tot een vermindering van de wereldwijde economische groei met 0,8 procent per jaar. In geld vertaald is dit een verlies van 15 biljoen dollar. Rijke landen leiden absoluut gezien het meeste verlies omdat het opleidingsniveau en de productiviteit daar doorgaans hoger zijn. De gevolgen voor de levens van lerenden in lage-inkomenslanden zijn echter veel ernstiger. Emiliana Vegas haalt ter illustratie de casus van Nederland aan waaruit blijkt dat de schoolsluitingen hebben geleid tot leerachterstanden:

Dutch students in grades one through five during 2020-2021 experienced average learning losses ranging from 0.06 to 0.20 standard deviations in reading and 0.13 to 0.33 standard deviations in math.

Vegas benadrukt dat het hierbij om gemiddelden gaat. De schoolsluitingen hebben namelijk geleid tot een toegenomen ongelijkheid: lerenden met laagopgeleide ouders en lerenden uit huishoudens met een lager inkomen hebben meer leerachterstanden opgelopen dan lerenden met hoger opgeleide ouders en uit huishoudens met een hoger inkomen.

In vergelijking met andere landen was ons land nog relatief goed toegerust op online leren en kende ons land relatief korte perioden van schoolsluitingen. In Zuid-Azië, Afrika en Latijns-Amerika waren scholen veel langer gesloten en was men minder goed toegerust om online leren op afstand te faciliteren. Minder dan 25 procent van de lage-inkomenslanden bood enige vorm van afstandsonderwijs aan, en daarvan maakte de meerderheid gebruik van tv en radio. Bijna 90 procent van de hoge-inkomenslanden is overgegaan op online leren op afstand.

Vegas had gehoopt dat scholen de ervaringen met het gebruik van leertechnologie tijdens de pandemie zouden aangrijpen om het onderwijs in deze zin te verbeteren. Volgens haar keren we echter terug naar het onderwijs van voor de pandemie. Dat komt ook omdat we grootschalig toegepaste programma’s op het gebied van afstandsperen -via TV, radio of online- niet evalueren.

Zij concludeert:

While the disruptions caused by COVID-19 offered an historic opportunity to learn about what works at scale to transform education systems and realize the promise of education technology, it seems now that this is unlikely to happen, at least in a majority of low- and middle-income countries. This is truly a missed opportunity that will have lasting impacts on generations to come.  

Emiliana Vegas heeft samen met twee collega’s een rapport geschreven over de de potentie van leertechnologie. Volgens Vegas en collega’s moet het gebruik van leertechnologie vooral gericht zijn op het versterken van de interacties tussen docenten, lerenden en onderwijsmateriaal. Zij sluiten hierbij aan op onderzoek naar schoolhervormingen van Cohen en Ball die dit de “instructional core” noemen. Volgens Vegas zijn ouders daarbij een sleutelactor die bemiddelen in de relaties tussen lerenden, docenten en het materiaal.

Vegas cs concluderen op basis van onderwijsonderzoek dat het gebruik van leertechnologie het meest effectief is als dit het werk van docenten aanvult en niet vervangt. Het gebruik van leertechnologie zou vooral gericht moeten zijn op verbetering van de kwaliteit van de instructie, op het vergemakkelijken van gepersonaliseerde instructie, op het uitbreiden van de mogelijkheden om te oefenen en op het vergroten van de betrokkenheid van de lerende.

Mijn opmerkingen

Volgens mij is al heel snel tijdens de Coronacrisis geconcludeerd dat sprake is van ‘remote emergency teaching‘. Ik ben ook heel wat evaluaties tegen gekomen van online leren tijdens de pandemie tegen gekomen met conclusies over hoe het anders en beter moet. Dit leidt echter niet automatisch tot verbeteringen en tot aanvulling en versterking van het werk van docenten.

This content is published under the Attribution 3.0 Unported license.

Delen

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

* Checkbox GDPR is verplicht

*

Ik ga akkoord

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.