Hoe kun je lerenden ondersteunen bij online leren?

Online leren kan een hele effectieve en efficiënte manier van studeren zijn. Maar het vergt veel zelfsturing en zelfdiscipline van lerenden. Amy Hankins geeft vijf suggesties die lerenden helpen om met succes online te leren.

  1. Online learningGeef gedetailleerde instructies en speel in op mogelijke vragen.
    Volgens Hankins is het erg belangrijk om zeer gedetailleerd te beschrijven wat je van een lerende verwacht. Vraag je ook af welke vragen lerenden zullen stellen over de leerinhouden en de wijze van leren. Beantwoord deze vragen op voorhand binnen instructies en aankondigingen.
    Mijn opmerking: deze aanbeveling ligt erg voor de hand, maar ik heb zelf gemerkt welke ruis er kan ontstaan als instructies niet eenduidig zijn. Het lastige is overigens wel dat lerenden online teksten vooral scannen en belangrijke details over het hoofd zien. Een duidelijke structuur maakt m.i. ook deel van uit van deze suggestie.
  2. Plaats mededelingen.
    Amy Hankins vindt het belangrijk dat je als docent aanwezig bent in een online cursus. Mededelingen -bijvoorbeeld een wekelijkse samenvatting van wat is gebeurd en wat er staat te gebeuren- kunnen hier aan bij dragen. Je kunt mededelingen ook gebruiken om aanvullende helderheid te scheppen.
    Mijn opmerking: ‘teacher presence’ an ‘social presence’ zijn inderdaad twee belangrijke elementen binnen een online cursus. Ik vind mededelingen alleen hiervoor wat mager. Organiseer bijvoorbeeld wekelijks een online live sessie, of reageer met een blogpost op de rode draad van vragen.
  3. Maak gebruik van voorbeelden en rubrics.
    Hankins doelt hierbij op uitgewerkte voorbeelden van bijvoorbeeld een opdracht. Lerenden kunnen dan zien wat van hen wordt verwacht. Rubrics laten zien waar lerenden op beoordeeld worden.
  4. Maak gebruik van gedifferentieerde manieren van instructie.
    Hankins doelt hierbij op verschillende leervoorkeuren die je tegemoet kunt komen door meerdere formats van leerinhouden te gebruiken.
    Mijn opmerking: vanuit het oogpunt van afwisseling, is het wenselijk diverse formats te gebruiken. Verder zouden wat mij betreft lerenden ook keuzes moeten kunnen maken in wat zij willen leren. Zodat zij zich bijvoorbeeld kunnen verdiepen in bepaalde aspecten van de leerinhoud.
  5. Bevorder peer support en engagement.
    Lerenden kunnen gemotiveerd worden om online te blijven leren als zij niet het gevoel hebben eenzaam te leren. Als zij een beroep kunnen doen op mede-lerenden, en niet alleen op een docent. Investeer daarom in onderling kennis maken en netwerken.
    Mijn opmerking: realiseer je echter ook dat er een groep lerenden is die bewust individueel wil leren. Stimuleer netwerken, maar verplicht het niet.

Er zijn diverse maatregelen die je kunt treffen om lerenden te motiveren om te blijven deelnemen aan online leren. Een hele belangrijke manier mis ik in het overzicht van Hankins: lerenden voorbereiden op deelname aan online leren, door bijvoorbeeld te investeren in digitale studievaardigheden.

This content is published under the Attribution 3.0 Unported license.

Wilfred Rubens (1964) currently works as an independent consultant, project leader, blogger and teacher in the field of technology enhanced learning. He leads innovative projects, he provides advice, keynotes, presentations, workshops and classes about technology enhanced learning. Wilfred has been professionally involved in e-learning for more than 20 years. For more than 15 years he blogs about ICT and learning. He is (co-)author of a book about elearning trends and developments (in Dutch), and a book about social learning. Wilfred is also one of the editors of the Dutch portal e-learning.nl, member of the advisory board of the anual Dutch Next Learning conference and member of the advisory board of the ONLINE EDUCA BERLIN. wilfred@wilfredrubens.com http://www.wilfredrubens.com

Tags: , ,
3 comments on “Hoe kun je lerenden ondersteunen bij online leren?
  1. Kasper Boon schreef:

    Even een klein stukje ervaring van SkillsTown m.b.t. de mba-studie die door Lemniscaat wordt aangeboden (zie http://www.novi.nl/mba/) . Bij deze Engelstalige executive mba studie wordt vrijwel alles via e-learning gedaan. De e-learnings zijn in samenspraak met Lemniscaat ontwikkeld. Van de 11 cursisten is er na een periode van 9 maanden één cursist afgevallen om reden dat hij het Engels niet goed beheerst. Dit had deze persoon ook bij aanvang al aangegeven.

    Kennelijk is er geen probleem om te studeren als er een duidelijk doel is. De studie bestaat uit 8 blokken en wat er per blok rond de e-learnings gedaan moet worden, wordt exact aangegeven in de zogenaamde assignment modules. Om de 2 maanden is er steeds een groepsbijeenkomst van een dag, een bijeenkomst die uiteraard een sociale controle rol inhoudt. Dan moeten de resultaten van de eerste reeks assignments al gedaan zijn en studenten houden zich eraan.

    Studeren zonder doel, leidt zeer snel tot afvallen. Maar studeren waarbij echt exact wordt aangegeven wat er verlangd wordt (en dat moet natuurlijk ook mogelijk zijn!) in dit geval via de assignment modules + groepsbijeenkomsten (zelfs om de 2 maanden!) werkt goed.
    De werkelijke waarde van onze opzet, schuilt dus in de 100% helderheid bij de assignmentmodules: zo werkt de student in feite af wat hij ook moet doen.

    De grote fout die ik bij bijna alle studies tegenkom is, dat niet duidelijk geformuleerd wordt wat er van de student verlangd wordt. Op de Ou hadden we daar in het begin ook een handje van: een cursus van bijna 1000 pagina’s opsturen (is toch afstandsonderwijs…) en zeggen dat alles bestudeerd moet worden voor het tentamen… logisch dat dan bijna iedereen afvalt, ondanks het feit dat het altijd om schitterend materiaal ging.

    Ik heb het me in feite nog nooit zo duidelijk gerealiseerd: maar het zijn juist de assignment modules die het doen!
    Overigens sluit dat precies aan bij wat Wilfred Rubens schrijft, keurig dus.

    Nog een punt wat voor mij erg belangrijk is geworden: aan de onderkant wordt bij e-learning vooral gemikt op allerlei interacties in de e-learning zelf. De veronderstelling is daar: door al die puzzeltjes en games te doen, leert men. Goed voor kassa-training en een cursus over bijvoorbeeld tillen. Maar dat is voor een hbo/wo – studie beslist niet vol te houden en zelfs verwerpelijk.
    Ik noem onze opzet bij hbo/wo daarom ‘inspirational learning’. Je krijgt als het ware korte teksten die het bindmiddel vormen tussen de stukken teksten die de student moet lezen en -en dat spreekt enorm aan – de video’s van top experts die je zo van youtube kunt halen. Juist die video’s maken dat je echt over onderwerpen gaat nadenken. De assignments geven dan tenslotte aan wat je moet doen. De combinatie van e-learnings met assignmentsmodules in de context van inspirational learning is voor SkillsTown in ieder geval de koers waarop gevaren wordt.

    Kasper Boon

    • Wilfred Rubens schreef:

      Dank voor de uitgebreide toelichting. Je onderstreept m.i. dat de context sterk van invloed is op het ‘learning design’ van online cursus. Daarmee doel ik onder meer op de doelen van de cursus en de doelgroep.

  2. Kasper Boon schreef:

    Waarschijnlijk heb je gelijk maar ik voeg daar wel aan toe dat het word ‘context’ snel kan leiden tot vervaging. Alle invloed is immers bijna per definitie ‘context’. Het grote probleem waar ieder instituut dat zich met afstandsonderwijs bezighoudt (en e-learning heeft een duidelijke signatuur van afstandsonderwijs) is steeds; hoe krijg ik voor elkaar dat de student blijft studeren. We kennen in Nederland zelfs instellingen die leven van het feit dat studenten het in feite niet volhouden. De Open universiteit als openbare instelling moest uiteraard altijd precies aangeven wat er met de instroom gebeurde. Het was voor mij destijds als Decaan Technische Wetenschappen (o.. wat waren de eerste resultaten toch vaak bedroevend) reden om met Kort Hoger Onderwijs te beginnen. De horizon verkleinen is immers een van de mogelijkheden om ‘het volhouden’ te bevorderen. En voor alle duidelijkheid: die aanpak werkte wel.

    Veel onderwijskundigen kwamen met allerlei ‘extra’s’ aan de orde, zoals bijvoorbeeld het aanbieden van simulatieprogramma’s om te kunnen ervaren wat de theorie voorspelt. Overigens lijkt dat veel op een van de aanbevelingen die in je blog staan (… het aanbieden van meerdere formats… einde citaat). Opvallend genoeg werkten de meeste studenten NIET met al dat moois. Kennelijk is er voor de student één belangrijke richtlijn en dat is ‘kiezen voor de gemakkelijkste weg zonder al die mooie bellen en toeters’. Vaak zeggen we ‘de belangrijkste factor is motivatie’. Maar ook daar moeten we in eerlijkheid bij aantekenen dat zo’n uitspraak vaak tot een drogredenatie leidt. Als iemand goed studeert is er kennelijk een goede motivatie en bij snel afhaken neemt de motivatie kennelijk snel af. Natuurlijk kan dat allerlei redenen hebben zoals het gebruik van teksten die veel te warrig zijn, enz. Maar motivatie wordt in die redenatie toch gebruikt als synoniem voor het resultaat en daarmee ontwijken we in feite de hoofdvraag: wat maakt dat studenten wel blijven leren?

    Het experiment dat SkillsTown nu met Lemniscaat is aangegaan is vooral boeiend omdat we willen zien ‘wat de vorm is die studenten in ieder geval boeit om te (blijven) studeren’. Dat is boeiend omdat het voor zover mij bekend de eerste poging in Nederland is om vrijwel uitsluitend met e-learning een hogere opleiding aan te bieden. Evaluaties met onze studenten laten daarbij onder andere zien dat vooral de inzet van video met top-experts als enorm belangrijk (en motiverend.. ha ha) wordt ervaren. En natuurlijk is dat niet zo verbazingwekkend en het zou mij ook niet verbazen dat om die reden het klassieke leerboek snel naar de achtergrond wordt gedrukt. Want zelfs voor conventioneel onderwijs geldt: wat duidelijk beter is, zal uiteindelijk altijd als winnaar tevoorschijn komen.

Top

%d bloggers liken dit: