Model implementatie ICT en leren vergeleken met raamwerk institutionele adoptie blended learning

Als je ICT voor leren, onderwijs en opleiden gaat invoeren moet je volgens mij rekening houden met zes clusters van factoren. Deze ‘wijsheid’ heb ik voornamelijk ontwikkeld op basis van praktijkervaringen. Je ziet dit model echter ook terug in literatuur.


Implementatiemodel e-learningDe basis van dit model (zie afbeelding en video onder aan deze blogpost) ligt bij een model dat eind jaren negentig werd gebruikt bij KPMG Consulting. Ik heb dat model vervolgens in de loop der jaren aangepast op basis van voortschrijdend inzicht, dankzij reflectie op mijn ervaringen.

In het oorspronkelijke model was bijvoorbeeld geen aandacht voor veranderingen van het curriculum, terwijl dat m.i. erg belangrijk is als je aan de slag gaat met technology enhanced learning. Je zult onder meer specifieke aandacht moeten besteden aan het bevorderen van zelfsturing als lerenden meer in eigen tijd, plaats en tempo leren. Verder hield het oorspronkelijke KPMG-model geen rekening met machtsverhoudingen en belangen.

Krijn Nagtzaam van Avans wees me gisteren op een “framework for institutional adoption and implementation of blended learning”. Charles R. Graham, Wendy Woodfield en J. Buckley Harrison hebben dit raamwerk ontwikkeld. Vervolgens hebben verschillende onderzoekers (zie referenties) dit raamwerk gebruikt voor het analyseren van implementaties van blended learning.

Graham, Woodfield en Harrison onderscheiden drie categorieën van factoren.
In de eerste plaats ’strategie’. Hieronder vallen:

  • het hebben van een missie rond blended learning,
  • het gebruik van een gezamenlijke definitie,
  • consensus over doelen die bereikt dienen te worden met blended learning (verbetering van de kwaliteit van het onderwijs, vergroting van de flexibiliteit, verbetering van de efficiëntie),
  • de beschikbaarheid van middelen zoals tijd en geld om resultaten te bereiken,
  • consensus over de mate waarin BL wordt geïmplementeerd,
  • steun voor blended learning, van hoog tot laag binnen de organisatie.

Op de tweede plaats onderscheiden Graham cs ’structuur’:

  • fysieke en technische infrastructuur,
  • het gebruik van blended learning modellen,
  • eigenaarschap van materialen,
  • roosteren,
  • evaluatie van blended learning (inclusief kwaliteitscriteria en communicatie daarover),
  • governance,
  • professionele ontwikkeling.

De derde categorie is ‘support’:

  • technische en didactische ondersteuning,
  • beloningen (tijd, motivatie),
  • faciliteiten bij de implementatie.

Dit raamwerk kent dus andere categorieën dan ik hanteer. Toch zie je dezelfde elementen terug. Bij ‘leiderschap en strategie’ heb ik het bijvoorbeeld ook over leiderschap op meerdere niveaus. Denk daarbij ook aan het pleidooi van Joseph Kessels voor ‘gespreid leiderschap’. Machtsverhoudingen en belangen maken in feite ook deel uit van de categorie ’strategie’. Ik vind het echter belangrijk om het daar expliciet over te hebben. Verder stel ik ook dat de zes clusters van factoren moeten leiden tot bepaalde doelen en resultaten.

Verder zie je dat Graham onder ‘structuur’ maar beperkt stil staan bij processen & organisatie (o.a. governance), en bij ‘curriculum’ (eigenaarschap materialen, evaluatie met kwaliteitscriteria). Ik ga daar uitgebreider op in. Mijn ‘infrastructuur & systemen’ vallen volledig onder ‘structuur’.

Opvallend is eveneens dat ik uitgebreider stil sta bij ‘mensen & cultuur’, terwijl Graham cs professionele ontwikkeling onder ’structuur’ laten vallen, en technische en didactische ondersteuning onder ’support’. Ik snap niet waarom de onderzoekers deskundigheidsbevordering en ondersteuning uit elkaar halen aangezien onderwijsprofessionals veel werkend leren. Het geven van faciliteiten valt bij mij onder ‘leiderschap en strategie’. Daar komt bij dat communicatie, het creëren van een cultuur van samen werken en delen en het hanteerbaar maken van weerstanden volgens mij ook cruciale factoren van de categorie ‘mensen & cultuur’ zijn.

Er is dus de nodige overlap tussen mijn model en het raamwerk van Graham, Woodfield en Harrison. Ik hanteer wel meer categorieën en onderscheid meer factoren. Als de onderzoekers daar naar zouden vragen, zouden ze deze factoren wellicht ook terugvinden in de analyses.

Ik ga er verder van uit dat je stapsgewijs en ‘agile’ werkt aan de realisatie van een visie op blended learning. Hoe die stappen er uit zien, is op voorhand niet te bepalen. Op basis van ervaringen formuleer je namelijk een volgend plateau. Graham cs onderscheiden in hun raamwerk drie fases bij de implementatie van blended learning:

  1. Bewustzijn en verkenning (nog geen institutionele strategie, beperkte ondersteuning, individuele stafleden zijn er mee bezig).
  2. Adoptie, vroege implementatie (BL strategie is geadopteerd, er wordt geëxperimenteerd).
  3. Volwassen implementatie, groei (diep geworteld, strategie, structuur en support zijn in de operatie geïntegreerd.

Zij hebben ook aangegeven hoe strategie, structuur en support er in die fases uitzien.

Stages implementation blended learning

Bron: Graham, C. R., Woodfield, W., & Harrison, J. B. (2013). A framework for institutional adoption and implementation of blended learning in higher education. The Internet and Higher Education, 18, 4-14.

Ondanks dat ik een dergelijke fasering waardevol vind, lijkt deze driedeling mij erg grofmazig. Met name tussen fase 2 en 3 zou wat mij betreft nog een tussenstap moeten zitten. Wellicht dat de benadering van maturitymodellen hierbij nuttig kan zijn. Dit zou nader uitgewerkt moeten worden.

De niveaus van het SAMR-model van Puentedura of de ‘modes of delivery‘ die Tony Bates tijdens de Onderwijsdagen gebruikte, zijn m.i. niet relevant bij het bepalen van volwassenheid van de implementatie van technology enhanced learning. Als je bijvoorbeeld beoogt om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren, dan kun je m.i. ook volstaan met het niveau van ‘augmentation’ of met door technologie ondersteund face-to-face onderwijs.

Referenties

  • Graham, C. R., Woodfield, W., & Harrison, J. B. (2013). A framework for institutional adoption and implementation of blended learning in higher education. The Internet and Higher Education, 18, 4-14.
  • Porter, W. W., Graham, C. R., Spring, K. A., & Welch, K. R. (2014). Blended learning in higher education: Institutional adoption and implementation. Computers & Education, 75, 185-195.
  • Porter, W. W., Graham, C. R., Bodily, R. G., & Sandberg, D. S. (2016). A qualitative analysis of institutional drivers and barriers to blended learning adoption in higher education. The Internet and Higher Education, 28, 17-27.

This content is published under the Attribution 3.0 Unported license.

Tags: , , , , ,

Abonneer via email

Volg

Subscribe via RSS
maart 2019
M D W D V Z Z
« feb    
 123
45678910
11121314151617
18192021222324
25262728293031

Archief

Categorieën

Top

%d bloggers liken dit: