Terugblik op ICT in het onderwijs: Kennisnet in opkomst (eind 1999 – begin 2000)

Mijn derde terugblik op ICT in het onderwijs, op basis van mijn laatste exemplaren van het vakblad Profiel, betreft een betrekkelijk korte periode. In deze periode gaat Kennisnet van start.

In september 1999 besteedt Profiel aandacht aan het besluit van de Tweede Kamer voor een "mega-investering van 440 miljoen gulden" door akkoord te gaan met Kennisnet. Volgens Profiel slokt Kennisnet daarmee tweederde van het beschikbare budget voor ICT in het onderwijs op. Dit leidt tot kritische vragen (onder meer over de relatie met de hardware op scholen en de wijze van financiering) en kwalificaties waarvan "een dure Ferrari" er een is. Kennisnet wordt dan overigens beschouwd als een "nutsvoorziening": een besloten en beveiligd netwerk, onder meer voor de distributie van educatief materiaal. Volgens de toenmalig minister Hermans is zo'n netwerk nodig omdat andere providers niet in staat zijn voldoende breedbandcapaciteit voor het volledige onderwijs aan te bieden. Alle scholen krijgen ook verplicht een aansluiting, is het plan.

In een interview, elders in dit nummer, gaat minister Hermans in op de positie van BVEnet. De ervaringen van dit project zouden ingebed moeten in Kennisnet en Kennisnet ook gaan versterken. In een ingezonden stuk bekritiseer ik de investering in de infrastructuur "Kennisnet". Mijn kritiek betreft vooral het besloten karakter van het netwerk (vanuit thuis zou je niet op Kennisnet kunnen). Ook heb ik kritiek op de tijdelijke financiering van het netwerk. Ik ben eind 1999 ronduit sceptisch over Kennisnet en schrijf onder meer:


Het beschikbare geld kunnen ze (ROC's, WR) beter besteden aan taakuren voor docenten om internettechnologie te integreren in het primair proces.


In oktober 1999 schrijft Profiel dat de aanvankelijke scepsis bij ROC's over Kennisnet "plaats heeft gemaakt voor voorzichtig positieve geluiden". Betrokkenen van ROC's richten hun hoop vooral op het breedbandig datatransport. Daardoor zou zelfs een "kleine educatie-vestiging" straks klaar zijn voor afstandsleren. Jan Jacobs van -toen nog- het Drenthe College heeft de eerste ervaringen opgedaan. Een grote locatie met tweeduizend deelnemers heeft een aansluiting van vier megabit per seconde. De eerste indruk van Jacobs is dat het "flitsend loopt". De inhoudelijke meerwaarde is er volgens hem voor de BVE-sector nauwelijks. Hij verwacht dat educatieve uitgevers zich met online content eerst op het basis- en voortgezet onderwijs gaan richten. BVEnet hoort onder meer daarom volgens hem bij Kennisnet thuis. Peter Siemann van het Albeda College eist van Kennisnet dat de emailvoorziening zonder problemen kan worden omgezet. Jan Jacobs voorspelt ook dat "identificatie van de eindgebruiker" een probleem zal worden, aangezien biometrische technieken nog wel even op zich zullen laten wachten.

Profiel schrijft in dit nummer ook over online leren: een veelbelovende vorm van onderwijs die nog maar mondjesmaat binnen het BVE-onderwijs wordt toegepast. Het artikel gaat onder meer in op de meerwaarde van internet ten opzichte van een boek (lesmateriaal makkelijker en goedkoper up to date houden). Online leren wordt vooral ook toegejuicht vanwege de mogelijkheden om zelfstandig te leren, en waarbij de lerenden ook samen op afstand aan een casus kunnen werken. Het artikel besteedt ook aandacht aan weerstanden bij lerenden (hebben liever klassikaal les) en docenten (taakverzwaring voorkomen door begeleiding meer te structureren, luidt de aanbeveling). De geïnterviewde adviseur -Han Smolenaars- formuleert verschillende onzekere factoren bij online leren, maar vindt toch dat een ROC er mee aan de slag moet. Leren via een elektronische leeromgeving hoort bij het voorbereiden op de maatschappij, en


Het is een ontwikkeling die niet tegen te houden is.


In december 1999 bericht Profiel kort van de overeenkomst met telecombedrijf Enertel en kabelexploitant nl.tree om Kennisnet te gaan ontwikkelen. Uiteindelijk zullen -zo schrijft Profiel- meer dan drie miljoen mensen Kennisnet op kunnen.

Het laatste -door mij bewaarde- nummer van Profiel stamt uit maart 2000, en is een ICT-special. Hoogleraar Walter Baets stelt hierin o.a. dat de verwachte revolutie in het onderwijs, als gevolg van ICT, op zich laat wachten vanwege een ouderwetse visie op onderwijs. Het onderwijs focust te veel op substitutie, vindt Baets (kennisoverdracht automatiseren). Bovendien is het onderwijs te sterk gestandaardiseerd, en is er onvoldoende ruimte voor creativiteit.

In dit nummer is ook aandacht voor de implementatie van ICT in het onderwijs. Bijvoorbeeld om dankzij een implementatiehandleiding met checklists van individuele praktijken te komen tot een bredere invoering in het primaire proces. Of een artikel over het geheim van het succes achter projecten die zich tot 'blijvertje' ontpoppen (gebruikersvriendelijkheid, kwalitatief goede content, stabiele en betrouwbare technologie, professionalisering van medewerkers).

Uitgevers komen in deze editie ook aan het woord. De ontwikkeling van elektronisch lesmateriaal wil namelijk niet vlotten. De uitgevers stellen dat het heel lastig is om fors te investeren in content (die door omstandigheden snel kan verouderen), terwijl het maar helemaal de vraag is of daar geld mee verdiend zal worden. Er wordt onder meer geopperd om belastinggeld hiervoor te gebruiken.

Andere artikelen gaan over:

  • elektronisch toetsen (docenten wachten af omdat zij onder andere de kwaliteit van andermans toetsvragen niet vertrouwen; het tast ook de autonomie van onderwijsgevenden aan en het medium internet is nog onvoldoende betrouwbaar);
  • de eerste BVE-editie van de Thinkquest-wedstrijd waarin leerlingen educatieve websites bouwen;
  • een project waarin het Albeda College Rotterdamse basisscholen ondersteunt bij het gebruik van ICT;
  • het gebruik van ICT door landelijke organen beroepsonderwijs (de huidige kenniscentra).

Wat ook in dit nummer opvalt (en ook in eerdere edities van Profiel) dat vaak benadrukt wordt dat ICT een hulpmiddel is.
Lees ook:

In een laatste bijdrage reflecteer ik op de ontwikkeling van ICT in het onderwijs, op basis van de drie terugblikken.

This content is published under the Attribution 3.0 Unported license.

Wilfred Rubens (1964) currently works as an independent consultant, project leader, blogger and teacher in the field of technology enhanced learning. He leads innovative projects, he provides advice, keynotes, presentations, workshops and classes about technology enhanced learning. Wilfred has been professionally involved in e-learning for more than 20 years. For more than 15 years he blogs about ICT and learning. He is (co-)author of a book about elearning trends and developments (in Dutch), and a book about social learning. Wilfred is also one of the editors of the Dutch portal e-learning.nl, member of the advisory board of the anual Dutch Next Learning conference and member of the advisory board of the ONLINE EDUCA BERLIN. wilfred@wilfredrubens.com http://www.wilfredrubens.com

Tags: , , , , , , , , ,
Top

%d bloggers liken dit: