Belemmeringen overwinnen bij het vervangen van hoorcolleges door blended leeractiviteiten

De afgelopen tijd heb ik bij verschillende instellingen gesprekken gevoerd met docenten die vanwege een aantal redenen aarzelen om hoorcolleges te vervangen door blended learning waarbij video een belangrijke rol speelt. Deze docenten wijzen bijvoorbeeld op het zeer arbeidsintensieve karakter van het ontwikkelen van kennisclips en screencasts. Ik herken een aantal belemmeringen hierbij. Deze kun je echter ook overwinnen.

Er zijn goede redenen -effectiviteit en flexibiliteit- om hoorcolleges te vervangen door een meer activerende didactiek. Bij een activerende didactiek worden bijvoorbeeld online video-instructies gebruikt, in combinatie met bijvoorbeeld een quiz (is de uitleg begrepen?) en een bijeenkomst waar lerenden aan de slag gaan met de inhoud van de video’s (oefenen, discussie, enzovoorts).

Hier mijn observaties van de belemmeringen:

Hoge kwaliteitseisen

Docenten geven aan dat zij zeer veel tijd kwijt zijn aan de ontwikkeling van video’s. Het opnemen van video’s is betrekkelijk nieuw voor hen. Het praten tegen een camera voelt onwennig en onnatuurlijk (ik spreek ook uit eigen ervaring). Er zijn vaak ook meer mensen betrokken bij de productie ervan, dan bij de voorbereiding en uitvoering van een hoorcollege.

Docenten stellen tegelijkertijd hoge kwaliteitseisen aan deze video’s. Met als gevolg dat zij veel tijd en energie besteden aan de voorbereiding en aan de productie. Zij willen geen video’s met versprekingen en wensen goed op beeld over te komen. Het komt ook voor dat men niet tevreden is met het eindresultaat, en de productie van de video opnieuw wil doen.

De belangrijkste reden voor het stellen van hoge kwaliteitseisen is dat video’s door een veel breder publiek, meerdere keren en gedurende langere tijd bekeken kunnen worden. Jouw collega’s hebben er ook toegang toe. Een hoorcollege is sneller vergeten en wordt door minder mensen bijgewoond. Lerenden maken in evaluaties ook kritische opmerkingen over een accent, versprekingen, kleding en composities (ik spreek weer uit eigen ervaring).

Beperkt hergebruik mogelijk

Het vervangen van een hoorcollege door online video, in combinatie met activerende leeractiviteiten, kost daardoor vaak veel meer tijd dan het verzorgen van een hoorcollege. Dit leidt tot een nog hogere werkdruk. Dit kan voorkomen worden indien video’s vaker hergebruikt kunnen worden. Mijn ervaring leert echter dat docenten lang niet altijd geneigd zijn om video’s te hergebruiken. Een volgende keer willen ze een ander voorbeeld gebruiken, nieuwe argumenten toevoegen of toch een ander onderwerp aan de orde stellen. Met als gevolg dat de tijds- en arbeidsintensieve productie over moet.

Geen onmiddellijk interactie mogelijk

Docenten geven ook aan dat zij het niet plezierig vinden als lerenden niet ter plekke vragen kunnen stellen. Zodat zij de inhoud van hun college onmiddellijk kunnen aanpassen, bijvoorbeeld door een extra voorbeeld te geven. Lerenden moeten deze vragen nu online of op een later moment stellen. Dit kan belemmerend werken voor het leren.

Wat kun je hier aan doen?

Het is uiteraard niet de bedoeling dat het vervangen van hoorcolleges door ‘blended’ leeractiviteiten meer tijd kost van docenten, en tot een hogere werkdruk. Maar wat kun je hier dan aan doen?

  • De kost gaat voor de baat uit. Het is onoverkomelijk dat je in het begin moet investeren in je vaardigheid om video’s te maken. Online vind je veel bronnen en tips ter voorbereiding, bijvoorbeeld bij Media & Education of bij Zack Woolfitt van InHolland. Volg workshops, bijvoorbeeld bij je eigen instelling. Naarmate je vaker video’s maakt, word je er ook bekwamer in. Het voelt dan ook minder onwennig. Wees als instelling ook bereid om bij de start meer ontwikkeltijd beschikbaar te stellen. Ook voor de instelling gaat de kost voor de baat uit. Na verloop van tijd, ben je er minder tijd aan kwijt.
  • Vraag je van tevoren af of het betreffende hoorcollege zich wel leent voor het maken van video’s. Als het hoorcollege maar één keer aan een beperkte groep lerenden wordt gegeven, dan wegen de kosten mogelijk niet op tegen de baten.
  • Goed is goed genoeg. Streef niet naar het maken van een Oscar-winnende productie. Stel geen hogere eisen aan een video, dan aan een presentatie. Een verspreking hier en daar is niet erg.  Je mag ook best af en toe naar je beeldscherm kijken. Trek je niets aan van kritiek op een accent. Doe alsof de cameramens je publiek is. Dat voelt minder onwennig. Het hoeft niet perfect te zijn.
  • Bereid je inhoudelijk niet anders voor dan bij een college. Schrijf je verhaal dus niet volledig uit. Ik weet dat makers van video’s ervoor pleiten dat je werkt met een gedetailleerd script. Een dergelijk script maken kost echter juist veel tijd. En je krijgt de neiging om te gaan voordragen. Vertrouw op je eigen expertise. Je bent geen acteur die zich een script makkelijk eigenlijk maakt. Je maakt geen commerciële video.
  • Maak bij een screencast gebruik van een applicatie met een pauzeknop. Druk daarop als je een hoestbui of iets dergelijks voelt aankomen. Dit voorkomt dat je de opname opnieuw moet maken. Screencast-o-matic is bijvoorbeeld een fijn programma hiervoor.
  • Streef naar opnames in één keer. Als je over ondersteuning beschikt, dan halen zij de ernstige versprekingen er in de montage wel uit.
  • Kies ook eens voor de vorm van een gesprek. Dat is vaak een meer natuurlijke en ontspannen ervaring dan een presentatie voor een camera. Je hebt uiteraard wel een gesprekspartner nodig. Deze extra investering zorgt er vaak wel voor dat je sneller klaar bent met de productie.
  • Vraag je af of het hoorcollege niet beter vervangen kan worden door een interactieve virtual classroom of andere combinatie van leeractiviteiten dan video met andere ‘blended’ leeractiviteiten.
  • Ondersteun docenten bij de ontwikkeling. De productie en het bewerken van video’s kunnen worden uitgevoerd door specialisten. Onderwijsinstellingen beschikken hier vaak ook al over.
  • Maak meerdere, zeer afgebakende video’s over een thema. Deze kunnen later eventueel tot een groter geheel gemonteerd worden. Dit bevordert het hergebruik. Definities, formules, theorieën, modellen en concepten zijn niet sterk aan verandering onderhevig. Deze video’s kun je gemakkelijk gedurende langere tijd hergebruiken.
  • Elke werkvorm heeft voor- en nadelen. Het is de vraag of het voordeel van het onmiddellijk kunnen stellen van vragen tijdens een bijeenkomst opweegt tegen de voordelen van meer activerende blended werkvormen.
  • Je hebt steeds meer mogelijkheden om video’s te verrijken met interactie (HiHaHo, EdPuzzle). Gebruik bijvoorbeeld een chatbot waar lerenden onmiddellijk vragen aan kunnen stellen.  Organiseer een online vragenuur, vlak nadat lerenden geacht worden een video te hebben bekeken. Grootschalige hoorcolleges lenen zich op zich ook niet goed voor veel interactie. Als je een applicatie als Mentimeter gebruikt dan kun je bij veel deelnemers zoveel vragen krijgen dat je er niet op in kunt gaan. Zonder dergelijke tools durven veel lerenden niet eens een vraag te stellen.

 

This content is published under the Attribution 3.0 Unported license.

Wilfred Rubens (1964) currently works as an independent consultant on technology enhanced learning. He provides advice, keynotes, presentations, workshops and classes about technology enhanced learning. Wilfred has been professionally involved in e-learning for more than 20 years. For more than 13 years he blogs about ICT and learning. June 2013 he published a book about elearning trends and developments (in Dutch). Recently he was co-author of a book about social learning. Wilfred is also one of the editors of the Dutch portal e-learning.nl, member of the advisory board of the anual Dutch Next Learning conference and member of the advisory board of the ONLINE EDUCA BERLIN. wilfred@wilfredrubens.com http://www.wilfredrubens.com

Tags: , ,
1 Reactie op “Belemmeringen overwinnen bij het vervangen van hoorcolleges door blended leeractiviteiten
  1. Hans steeman schreef:

    Leuke Post Wilfred.
    Je bevindingen komen overeen met mijn ervaringen in het MBO en ik denk ook die van @jaapjanvroom van het Deltion. Voor wat het de aversie tegen het cameragebruik betreft, hanteerde ik altijd de stelregel: Doe alsof je daad werkelijk voor het publiek, de klas of collegestudenten staat. Maak geen uitgebreid script waar je je aan wil houden, dat wordt te krampachtig. Maar gebruik wel een goede opzet. (zal een bijlage sturen)
    Daarnaast hoef je voor een instructievideo natuurlijk niet zelf in beeld te komen. Het programma “Moovly” biedt uitstekende mogelijkheden om een animatiefilmpje op te nemen dat zeer geschikt is voor uitleg. Nieuw is ook de mogelijkheid om een Prezi met video op te nemen. Dat kan gewoon vanachter je laptop. in mijn blogpost https://hanzie54.blogspot.com/ ga ik daar ook op in.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

* Checkbox GDPR is verplicht

*

Ik ga akkoord

Top

%d bloggers liken dit: