Hoe kun je 25 principes die leren bevorderen, faciliteren met ICT? (Deel 1)

Tim Surma heeft via Twitter 25 principes gedeeld die leren bevorderen? In twee bijdragen verken ik hoe je ICT kunt gebruiken om deze principes toe te passen. Deze bijdrage beschrijft de eerste dertien principes.

Contiguity effects
Wat? Ideeën die bij elkaar horen, moeten in tijd en ruimte aaneengesloten gepresenteerd worden.
Met ICT: je hebt verschillende mogelijkheden om samenhangende ideeën aaneengesloten te presenteren. Bijvoorbeeld via een menustructuur of tijdbalk.

Perceptual-motor grounding
Wat? Concepten hebben er baat bij als zij aarden in waarneembare motorische ervaringen, met name in een vroeg stadium van het leren.
Met ICT: simulaties, virtual reality en augmented reality zijn geen motorische ervaringen, maar komen wel dicht in de buurt. Met name als lerenden risicovolle handelingen moeten uit oefenen. Bovendien kun je een informatielaag toevoegen aan de handelingen.

Dual code and multimedia effects.
Wat? Materialen die verbaal, visueel multimediaal gerepresenteerd worden, vormen rijkere representaties dan een enkel medium.
Met ICT: je kunt content ontwikkelen waarbij je gebruik maakt van multimedia (tekst, afbeeldingen, video, audio, animaties). Zonder ICT is dit principe eigenlijk zelfs niet toe te passen.

Testing effect.
Wat? Testen versterkt leren, vooral als de tests gerelateerd zijn aan belangrijke inhoud.
Met ICT: je hebt diverse technologieën voor quizzes en tests. Van aparte toetsapplicaties, flashcards tot studentresponssystemen. Je hebt ook tools waarmee je vragen binnen video’s kunt inbedden. Bedenk dus wel vragen die gerelateerd zijn aan belangrijke inhoud.

Spacing effect.
Wat? In tijd gespreide studie- en testschema’s zorgen ervoor dat je informatie beter op lange termijn onthoudt dan een enkele studiesessie of test.
Met ICT: je kunt bijvoorbeeld binnen een digitale leeromgeving een leerpad samenstellen dat voorzien is van diverse opdrachten, oefeningen en tests. Daarbij kun je vaak ook deadlines aangeven. Lerenden kunnen automatisch notificaties ontvangen als zij geacht worden iets te doen. Docenten kunnen de voortgang monitoren en ook signalen ontvangen als lerenden wel of niet gespreid leren.

Exam expectations
Wat? Lerenden hebben meer baat bij herhaald testen als zij een afsluitend examen verwachten.
Met ICT: je kunt voorafgaand aan een afsluitend examen regelmatig oefentoetsen aanbieden. Er is een scala aan toetsapplicaties beschikbaar.

Generation effect
Wat? Leren wordt versterkt als lerenden antwoorden geven die zij kunnen vergelijken met erkende antwoorden (bijvoorbeeld van een expert).
Met ICT: lerenden maken een opdracht, en krijgen daarna een standaard uitwerking te zien. Of ze krijgen vragen voorgeschoteld en kunnen na afloop hun antwoorden vergelijken met ingevoerde expert-antwoorden.

Organization effects
Wat? Samenvatten, integreren en samenvoegen van informatie is effectiever dan herlezen en andere meer passieve strategieën.
Met ICT: lerenden vloggen, bloggen of schrijven een essay. Ook kun je lerenden met mindmaptools overzichten laten maken van artikelen, presentaties of video’s.

Coherence effect
Wat? Materiaal en multimedia zouden gerelateerde ideeën expliciet moeten verbinden en afleidende irrelevante materialen moeten minimaliseren.
Met ICT: dit principe wijst vooral op het effectief gebruiken van onder meer multimedia.

Stories and example cases
Wat? Verhalen en voorbeeld cases worden door lerenden beter onthouden dan didactische feiten en abstracte principes.
Met ICT: dankzij onder meer online video, applicaties a la PowToon en storytelling tools kun je verhalen maken en distribueren.

Multiple examples
Wat? Het begrip van een abstract concept neemt toe als je verschillende en gevarieerde voorbeelden gebruikt.
Met ICT: dankzij onder meer online video, applicaties a la PowToon en storytelling tools kun je verschillende en gevarieerde voorbeelden ontwikkelen en distribueren.

Feedback effects
Wat? Lerenden hebben baat bij feedback op hun prestaties op een leertaak. De timing van de feedback is afhankelijk van de taak.
Met ICT: lerenden kunnen onmiddellijk automatisch feedback ontvangen (bijvoorbeeld van een applicatie voor tests), peer feedback of feedback van een docent. Hier zijn dikwijls specifieke applicaties voor ontwikkeld. Er zijn bijvoorbeeld apps voor digitaal coachen beschikbaar waarbij een lerende feedback krijgt van een coach die de lerende observeert. Bij online opdrachten geven docenten bijvoorbeeld asynchroon feedback. Lerenden kunnen ook video’s van leerprestaties maken die vervolgens van feedback worden voorzien.

Negative suggestion effects
Wat? Dankzij onmiddellijk feedback kan voorkomen worden dat lerenden verkeerde informatie bestuderen.
Met ICT: er zijn verschillende toepassingen voor het geven van onmiddellijke feedback. Dankzij learning analytics en kunstmatige intelligentie worden systemen ook steeds beter om onmiddellijk goede feedback te geven.

This content is published under the Attribution 3.0 Unported license.

Tags: , , ,

Abonneer via email

Volg

Subscribe via RSS
april 2019
M D W D V Z Z
« mrt    
1234567
891011121314
15161718192021
22232425262728
2930  

Archief

Categorieën

Top

%d bloggers liken dit: